Kinderen zijn wijzer

Kinderen zijn mijn lievelingsmensen.
Elke interactie geeft me namelijk een heleboel. Regelmatig zetten kinderen me aan het denken over (mijn) gender, op een gezonde manier. (Niet op de ongezonde manier waarop volwassenen het vaak doen. Daarover later meer.)

"Ben jij een jongen of een meisje?" Een vertrouwde vraag die kinderen me regelmatig stellen.
"Een beetje van de twee," zeg ik dan.
Of: "Alle twee tegelijk, eigenlijk."

Meestal kijkt het kind in kwestie me dan even nadenkend aan. En dan gaat hij of zij verder met belangrijkere zaken, zoals spelen.
De vraag komt later eventueel terug.
Maar ik heb nog nooit een kwetsende reactie van een kind gehad, als ik beschrijf wie ik ben.

Bij volwassenen is dat wel even anders. Die stoppen je meestal meteen in het hokje 'psychisch probleem / worsteling', en geven me hun interpretatie van wie ik ben vaak gratis mee. Moet ik dat spul weer in de vuilnisbak gaan dumpen...

Maar kinderen geven me nooit viezigheid, ze geven me altijd mooie cadeaus.

Soms aanvaarden kinderen mijn antwoord ook niet meteen, omdat ze immers net één van dé waarheden van een Westerse cultuur ingestampt hebben gekregen. Namelijk: 'Er zijn jongens en meisjes, dat is belangrijk en dat is alles.'
Kleuterscholen bijvoorbeeld, zijn broedplaatsen van dit misverstand.

"Ben jij een jongen of een meisjeeeeeee?" herhaalde een lichtelijk geïrriteerde jongen op de speelplaats waar ik mijn kleutermaatje kwam ophalen.
"Een beetje van allebei, echt waar!" antwoordde ik opnieuw.

"Ben jij een meisje dat een jongen wil zijn?" vroeg een achtjarig kind in de speeltuin wat later.
Hm... Dat was een moeilijke vraag... Ik kon er niet meteen overtuigend op antwoorden en aarzelde: "Misschien wel... Ik weet het niet."

"De vriendin van mijn vriendin is ook een meisje dat een jongen wil zijn. Ze deed alle spelletjes die jongens deden, maar ze werd er keihard mee uitgelachen. Dus het is niet gelukt."

"Oh... Dat is jammer!" reageerde ik met pijn in mijn lijf. Transfobie, het doet zeer.
"Misschien gaat het later wel lukken."

Ze hing ondertussen omgekeerd aan een speeltuig, en praatte verder met een ander meisje over in welk leerjaar die vriend(in) zat.
"Ik zit normaal gezien ook in het vierde, maar ik ben blijven zitten..." vertrouwde ze me later toe, en ze kromp een beetje in elkaar van schaamte.

Hoe kan dat nou, dat een meisje dat zo goed kan praten en nadenken, en duidelijk ook geen sociale vaardigheden mist, blijft zitten, vroeg ik me af.

Too free spirited?


Comments

Popular posts from this blog

Transitie / RIP Joppe Bosmans, mijn Eskiboy

Fake?

Een veilige plek